January 11, 2010 0

uitvinding

By in fantastisch

Er was eens een uitvinderesje.
Jarenlang lag ze uitgestrekt op een grasveld.
Van tussen de felgroene grassprieten en gele boterbloempjes
keek ze elke dag reikhalzend uit naar de takken van de appelboom daarboven.
Af en toe blonk een blozende appel uit in de ondergaande zon en stak af tegen de dovende hemel.
Wanneer het daglicht helemaal uit was en de maan haar plaats veroverde,
ging het uitvinden verder in een hoogtechnologisch labo.
Ze goot er heel de nacht vloeibare kleuren bij elkaar.
Tot er op een dag een ontdekkertje passeerde.
Hij gooide twee appelen uit de boom.
Het uitvinderesje kreeg er één aangereikt.
Zelf beet hij een grote hap uit zijn appel en stelde zich voor.

Leave a Reply